Kattenvlo

Hoewel de naam anders doet vermoeden, komen kattenvlooien bij katten én bij honden voor. De hondenvlo wordt zelden aangetroffen. Kattenvlooien komen algemeen voor in woningen. Soms doen vlooien een proefbeet bij de mens, waardoor huidirritaties en zwellingen kunnen optreden.

Ontwikkeling

Eieren worden meestal niet op de gastheer zelf gelegd, maar in hun nest, mand of op de plaats waar het huisdier vaak ligt. De larven zijn lichtschuw en kruipen weg in spleten en kieren of onder de vloerbedekking dichtbij de plinten. Afhankelijk van de omstandigheden verpoppen de larven zich na 15 dagen tot ca. 6 maanden. Het popstadium duurt, wederom afhankelijk van de omstandigheden, 8 tot 14 dagen. De volgroeide vlo blijft in slaaptoestand in z’n cocon. Zo’n situatie kan wel een jaar duren.

Pas wanneer de cocon een mechanische prikkel ontvangt, bijvoorbeeld een trilling, ontwaakt de vlo en komt uit de cocon. Het gebeurt nogal eens dat, bijvoorbeeld na een vakantieperiode, kattenvlooien massaal ontwaken en uit hun cocon komen. Eenmaal uit de cocon, kan de vlo maanden zonder voedsel. Wel is het zo dat bevruchte wijfjes een bloedmaaltijd nodig hebben om eieren af te kunnen zetten. Een kattenvlo leeft ongeveer een jaar.

Leefwijze

De volwassen kattenvlo voedt zich met bloed via stekend-zuigende monddelen. Larven hebben bijtend-kauwende monddelen; zij voeden zich met organische stoffen en uitwerpselen van de volwassen vlo die in huisstof zitten. Ze komen alleen op en in de buurt van honden en katten.

Bestrijding

De stofzuiger is een bijzonder effectief wapen bij de bestrijding van een vlooienplaag. Belangrijk is dat behalve de vloerbedekking ook alle schuilplaatsen waar de larven en de vlooien kunnen wegkruipen, zoals onder plinten, naden en kieren van een houten vloer en de randen van de vloerbedekking of karpet worden meegenomen. Ook tussen de zitkussens van de bank kunnen ze zitten. Het stofzuigen moet grondig gebeuren en regelmatig worden herhaald. Ruim de stofzuigerzak met inhoud op. Slechts indien zeer veel vlooien voor blijvende overlast zorgen, is een behandeling met een daarvoor toegelaten insecticide aan te raden.

Een kat likt zichzelf vaak en intensief. Daarom moet het gebruik van bestrijdingsmiddelen zoveel mogelijk beperkt blijven. Gebruik nooit “hondenmiddelen” voor de kat, die hebben een te hoge concentratie aan werkzame stoffen. De zogenaamde “kattenhalsband” met daarin een insecticide geeft een beperkt resultaat. Vraag zo nodig de dierenarts om advies.

Schakel na een stofzuigerbeurt een dierplaagbeheerder in om op de eerder genoemde schuilplaatsen een behandeling uit te voeren met biocide.